U bent hier

Woordenschat

2015_carolvanhook_tomate.jpg

Pathogene of genetisch gewijzigde organismen (GGO), risicoklassen, isoleringsniveaus, … Waarover gaat het precies? Waarop baseert de huidige wetgeving zich?

Manipulatie van GGO?

De wetgever definieert het ingeperkt gebruik van pathogene en/of genetisch gewijzigde organismen als “elke activiteit die het gebruik vergt van genetisch gemodificeerde en/of pathogene micro-organismen of organismen (GGM of GGO) of waar GGM’s of GGO’s worden gekweekt, opgeslagen, getransporteerd, vernietigd, verwijderd of anderszins gebruikt, alsook waarvoor fysieke barrières of een combinatie van fysieke en chemische en/of biologische barrières worden gebruikt om het contact van deze GGM’s of GGO’s met de bevolking en het milieu te beperken.”

 

 

Risico’s inschatten

Als uw activiteiten onder deze definitie vallen, moet u een toelatingsdossier voor ingeperkt gebruik samenstellen. Voor meer specifieke informatie over dit onderwerp verwijzen wij naar de website van Belgian Biosafty Server.

Om de risico’s correct in te schatten, moet u bepalen welke klasse van biologisch risico samenhangt met de micro-organismen die u gebruikt. U mag zelf de risicoklasse van uw ingeperkt gebruik vastleggen. De hoogste risicoklasse van het behandelde organisme bepaalt die van het ingeperkt gebruik. De wetgever voorziet vier klassen. Daarvan zijn er drie van toepassing in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest:

  • Klasse 1: (micro-)organismen die geen ziekten kunnen verwekken bij mensen, dieren en planten en die niet giftig zijn voor het milieu, vormen geen of een verwaarloosbaar risico bij ingeperkt gebruik.
  • Klasse 2: (micro-)organismen die een ziekte kunnen verwekken bij de mens maar waarvoor een doeltreffende preventie of behandeling bestaat, vormen een zwak risico bij ingeperkt gebruik.
  • Klasse 3: (micro-)organismen die een ernstige ziekte kunnen veroorzaken bij de mens en die een mogelijk risico voor verspreiding inhouden, ook al is preventie en behandeling mogelijk, vormen een matig risico bij ingeperkt gebruik.

Bijlage III van het vierde deel van het besluit van 8 november 2001 bevat een lijst met bacteriën, schimmels en virussen met het risico dat eraan verbonden is.

Welk inperkingsniveau?

Het ingeperkt gebruik van een bepaalde risicoklasse vereist een specifiek inperkingsniveau dat aangewezen is om de gezondheid van mens en milieu te beschermen. Er zijn vier inperkingsniveaus: van L1 tot L4 voor laboratoria en van A1 tot A4 voor proefdierverblijven. Momenteel bestaan enkel de inperkingsniveaus 1, 2 en 3 in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Weet u niet precies welke risicoklasse het meest aangewezen is in uw situatie? Dan moet u de strengste beschermingsmaatregelen toepassen of tenminste bewijzen dat de toepassing daarvan niet verantwoord is.

Bijlage IV van het besluit van 8 november 2001 omschrijft nauwkeurig de eigenschappen van elk inperkingsniveau. Die indeling is in essentie gebaseerd op 3 parameters:

  • inrichting en technische karakteristieken;
  • veiligheidsuitrusting;
  • werkpraktijk en afvalbeheer.
Datum van de update: 04/07/2017