U bent hier

Gewestelijk programma voor circulaire economie

De Gewestelijke beleidsverklaring voorziet het huidige model van lineaire economie (grondstoffen ontginnen – produceren – consumeren – weggooien) te vervangen door een systeem van circulaire economie (recupereren - produceren - consumeren - hergebruiken) dat voor onze ondernemingen concurrentieel is op de markten, maar dat ook lokale werkgelegenheid schept.

De gewestelijke strategie

In haar Strategie 2025 die op 16 juni 2015 goedgekeurd werd, formuleert de Brusselse regering de doelstelling om de Brusselse economie via een toekomstgerichte visie op 10 jaar opnieuw dynamisch te maken. Het leefmilieu wordt beschouwd als een veelbelovend domein voor tewerkstelling krachtens de ontwikkeling van een gewestelijk programma voor circulaire economie. 

Dit programma, het GPCE (het Gewestelijk Programma voor Circulaire Economie), werd door de regering op 10 maart 2016 goedgekeurd. Leefmilieu Brussel stuurt dit programma aan, samen met Impulse, Innoviris en Net Brussel.

Met het GPCE wil het Gewest zichzelf op de kaart te zetten als een bijzonder innovatieve Europese regio, als een voortrekker op het vlak van overheidsbeleid ter ondersteuning van de circulaire economie, vanuit een voluntaristische benadering voor het efficiënte beheer van zijn hulpbronnen.

Wat is de circulaire economie?

De circulaire economie is een economisch model waarin de hulpbronnen in een kringloop worden gebracht om ze te beschermen.  Hoe ?

Door de grondstoffen op een efficiëntere manier te gebruiken, hun verspilling te beperken, ervoor te zorgen dat de afvalstoffen van de ene de grondstoffen van de andere worden, door de levensduur van de producten te verlengen, enz. en dat allemaal op lokaal niveau. Zo kan men de impact van de handel en de productie op het leefmilieu verminderen en tegelijk het welzijn van de burgers verhogen.  

De circulaire economie beperkt zich niet tot het recupereren of recycleren van grondstoffen. Ze impliceert ook een voorafgaande reflectie over het ontwerp van de producten. Vanaf het begin moet men weten hoe lang het product zal meegaan en hoe de grondstoffen waaruit een product bestaat op het einde van zijn levensduur opnieuw in het economisch circuit zullen worden gebracht.

Dit is een "koolstofarm" economisch model, dat zorgt voor lokale werkgelegenheid en toegevoegde waarde voor de Brusselaars terwijl hun leefmilieu en levenskwaliteit worden beschermd.

De doelstellingen van het GPCE

Het Gewestelijk Programma voor Circulaire Economie (GPCE) heeft 3 algemene doelstellingen:

  • De milieudoelstellingen tot economische kansen omvormen.
  • De economie in Brussel verankeren om lokaal te produceren wanneer dat mogelijk is, de verplaatsingen te verminderen, het gebruik van het grondgebied te optimaliseren en toegevoegde waarde voor de Brusselaars te scheppen.
  • Bijdragen aan de jobcreatie.

De maatregelen van het GPCE

Het programma bevat 111 maatregelen, verdeeld over 4 strategische assen:

De transversale maatregelen

Het gaat om maatregelen die betrekking hebben op alle economische actoren en die een gunstig regelgevend kader, economische steunmaatregelen en duurzame en innovatieve overheidsopdrachten in het leven roepen. Maar ook innovatie in het algemeen en nieuwe opleidingen voor nieuwe beroepen, aangepast aan het profiel van de Brusselse werkzoekenden, zijn streefdoelen. Uiteindelijk gaat het erom de publieke hefbomen te activeren waardoor een globaal gunstig kader geboden wordt voor de bloei en ontplooiing van de circulaire economie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

De sectorale maatregelen

Specifieke maatregelen beogen de bouwsector, de grond- en afvalstoffen, de logistiek, de handelszaken en de voeding (die deel uitmaakt van de Good Food-strategie). Deze sectoren werden gekozen in functie van hun potentieel aan jobcreatie, hun impact op de uitstoot van broeikasgassen en omdat ze tot de grootste uitdagingen voor Brussel behoren.

De territoriale maatregelen

In aanvulling op de transversale en sectorale benaderingen wil het GPCE alle actoren op het Brusselse grondgebied, van de wijken tot de hele agglomeratie, mobiliseren. Er zal op lokaal niveau gehandeld moeten worden, aan de hand van de Duurzame-Wijkcontracten, de contracten voor stadsvernieuwing, de Agenda 21-projectoproepen voor de gemeenten, de 10 prioritaire ontwikkelingspolen en het grondgebied van het kanaal, door de circulaire economie op te nemen in het referentieraamwerk voor de duurzame wijken, ontwikkeld door Leefmilieu Brussel.

Dankzij het project van het Economisch Immobiliënagentschap (een activiteitenpark voor dit soort van activiteiten) wil het Gewest ook ruimten voor circulaire economische activiteiten vrijmaken. Het zal verder uitgaan van de gewestelijke strategie voor het oprichten van jobpunten voor digitale productie.

Governance

Het GPCE zal door drie ministers gestuurd worden en zal niet minder dan 13 partneradministraties bijeenbrengen die gecoördineerd moeten worden!

Een strategisch stuurcomité (ministers en administraties), coördinatiecomités en versterkte samenwerkingsverbanden tussen administraties worden dus voorzien om de werking van het programma en de uitvoering ervan te verzekeren.

Datum van de update: 24/10/2017