U bent hier

Dierenwelzijn tijdens het transport

Om te garanderen dat commercieel dierentransport in goede omstandigheden verloopt, legt een reglement zeer nauwgezette normen vast: vereiste documenten, oorspronkelijke toestand van de dieren, uitrusting van de vervoermiddelen, beschikbare oppervlakte, reistijd en rusttijden, … Niets wordt aan het toeval overgelaten om het welzijn van de dieren te garanderen.

Uitsluitend voor commercieel transport

In België is de verordening betreffende het dierentransport niet van toepassing op het persoonlijke transport van eigen dieren. Ze geldt dus niet voor particulieren die reizen met hun hond, een ruiter die naar een paardenwedstrijd gaat, een fokker die een fokdier met eigen middelen vervoert over een afstand van minder dan 50 km of die naar een dierenkliniek gaat, ... Opgelet: de reglementeringen kunnen verschillen van het ene gewest of land tegen het andere: informeer u dus voor u vertrekt!

Verplichte documenten

Voor een dierentransport met handelskarakter moet men over vier types van document beschikken:

 

 

  1. Een document dat de herkomst van de dieren, het tijdstip en de plaats van vertrek, de plaats van aankomst en de verwachte reisduur aangeeft. Dit document moet altijd in het voertuig liggen;
  2. De vergunning als vervoerder, die verplicht is voor reizen van meer dan 65 km. Voor het commercieel vervoer van landbouwhuisdieren wordt deze vergunning afgeleverd door de lokale Provinciale Controle-Eenheid (PCE) van het FAVV. Voor alle andere diersoorten dient u zich te richten tot de Dienst Dierenwelzijn van Leefmilieu Brussel.
  3. Het certificaat van goedkeuring voor het vervoermiddel: dit certificaat verklaart dat het gebruikte vervoermiddel voldoet aan de voorwaarden voor naleving van het dierenwelzijn. Voor het vervoer van landbouwhuisdieren met handelsdoeleinden wordt deze goedkeuring afgeleverd door de lokale Provinciale Controle-Eenheid (PCE) van het FAVV. Voor alle andere diersoorten is de controle alleen voorzien voor lang transport: richt u hiervoor tot de Dienst Dierenwelzijn van Leefmilieu Brussel.
  4. Het certificaat van vakbekwaamheid: de chauffeurs die een transport van landbouwhuisdieren met handelsdoeleinden uitvoeren en de verzorgers die deze transporten begeleiden, moeten een examen afleggen met goed gevolg.

Dieren die geschikt zijn voor transport

Voor een dier wordt getransporteerd, moet worden beoordeeld of het voldoende gezond is om de reis te doorstaan, vooral indien het gaat om een transporten die lang duren of waar extreme temperaturen verwacht worden. Zieke of gewonde dieren zijn dus niet geschikt voor transport. Dit geldt ook voor drachtige dieren waarvan de draagtijd reeds meer dan 90% gevorderd is, pasgeboren dieren waarvan de navel nog niet geheeld is en zeer jonge dieren (biggen van minder dan drie weken oud, lammeren van minder dan een week oud en kalveren van minder dan tien dagen oud, tenzij ze over een afstand van minder dan 100 km worden vervoerd) en herten met een bastgewei. Licht gewonde of zieke dieren kunnen echter wel vervoerd worden voor zover het vervoer geen extra lijden veroorzaakt. Bij twijfel moet het advies van een dierenarts ingewonnen worden.

Geschikte vervoermiddelen

Bescherming tegen slechte weersomstandigheden, antislipvloer, ventilatie, verlichting, strooisel voor jonge dieren, … De vervoermiddelen moeten aangepast zijn voor het transport van dieren in goede en veilige omstandigheden. De oppervlakte moet voldoende zijn volgens het ras. De eisen worden overigens verstrengd bij langdurig transport van landbouwhuisdieren: zo moet het dak van de vervoermiddelen in een lichte kleur zijn, er moet een mechanisch ventilatiesysteem zijn en een controle van de temperatuur die tussen 5°C en 30°C moet blijven. Een satellietnavigatiesysteem moet de transporteur kunnen volgen en lokaliseren.

Een waardige behandeling

De dieren moeten uiteraard zo goed mogelijk behandeld worden tijdens het transport. Pijnlijke handelingen zijn verboden. Ze moeten over voldoende stahoogte kunnen beschikken en er moet ruimte zijn boven het hoofd van de dieren als zij in hun natuurlijke positie staan. Ook de regels voor het aanbinden zijn streng: de dieren mogen niet aangebonden worden aan hoornen, gewei of neusringen, en de poten mogen niet samengebonden worden. De dieren moeten ook steeds kunnen gaan staan of liggen.

Vastgelegde transportduur

De verordening voorziet maximale reis- en rusttijden voor landbouwhuisdieren. Ze maakt ook een onderscheid tussen korte reistijden, van minder dan 12 uur voor een nationaal transport en minder dan 8 uur voor een internationaal transport, en lange reistijden waarop bijkomende regels van toepassing zijn.

Het journaal

Voor het internationaal lang transport van runderen, schapen, geiten, varkens of paardachtigen (met uitzondering van geregistreerde paarden) moet de transporteur ook een journaal invullen dat een planning van de reis bevat. Dit journaal moet minstens 48 uur op voorhand aan de Provinciale Controle-Eenheid (PCE) van het FAVV worden overgemaakt, zodat kan nagekeken worden of de planning realistisch is. Verder bevat dit journaal nog een vertrekformulier, een aankomstformulier en een verklaring van de vervoerder over de afgelegde route. Na het transport bezorgt de vervoerder het volledig ingevulde journaal aan de PCE.

Datum van de update: 01/12/2017
Contact: 

Leefmilieu Brussel - BIM

Dienst Dierenwelzijn

Thurn & Taxis 86C / 3000

1000 Brussel

E-mail