U bent hier

Stookolietanks

Stookolietanks vereisen een milieuvergunning of een aangifte; bij een capaciteit van meer dan 10.000 liter worden ze als risicoactiviteit beschouwd. 

Stookolietanks zijn de meest voorkomende risicoactiviteit in Brussel: ze liggen aan de basis van meer dan een derde van alle bodem- en grondwaterverontreinigingen. Stookolie is een koolwaterstof (zie woordenlijst), afgeleid van aardolie.

Wanneer ze in de bodem dringt, kan ze het grondwater bereiken en, gezien haar geringe dichtheid, er een drijflaag op vormen. Stookolie is dus zeer gevaarlijk!

Stookolietanks vinden we op allerlei terreinenverschillende : plaatsen, van uitbating zowel waar een vorm van exploitatie plaatsvindt en als in woningen: appartementsgebouwen, werkplaatsen, industriële gebouwen, scholen... Daardoor vormen ze een veelvoorkomende potentiële bron van verontreiniging.

Bovendien bevinden een groot aantal van deze stookolietanks zich al decennia onder de grond en zijn ze onderhevig aan corrosie, wat kan leiden tot het lekken van olie die naar de bodem en het grondwater besmet. Stookolie kan ook infiltreren insijpelen in de bodem bij een incident of bij overstromingen het overlopen van de tank tijdens het vullen van een reservoir.

Preventieve maatregelen

Dit gevaar verklaart de preventie- en onderhoudsmaatregelen die moeten worden genomen bij het gebruik van een dergelijke tank. Er bestaan ook nog andere verplichte maatregelen die moeten worden genomen bij een vermoeden van verontreiniging door een overvulling of een lek.

De volgende exploitatievoorwaarden worden in Brussel opgelegd: overvulbeveiligingen en lekdetectiesystemen, vloeistofdichte inkuipingen, regelmatige dichtheidscontroles, toezicht bij het vullen, "interventiekit" voor incidenten, enz.

Opgelet: deze maatregelen zijn specifiek voor ons Gewest! 

Stopzetting van de uitbating

Bij het stopzetten van de uitbating van een stookolietank zijn er bepaalde verplichtingen die in acht genomen moeten worden.

  • Vóór de start van de werken moet de stopzetting van de activiteit gemeld worden aan de bevoegde overheid (de gemeente of Leefmilieu Brussel).
  • Indien de tank een risicoactiviteit is, moet een verkennend bodemonderzoek worden uitgevoerd door een erkend bodemverontreinigingsdeskundige, dat de toestand van de bodem en van het grondwater van het terrein bepaalt.
  • De tank moet correct geledigd, ontgast en gereinigd worden. Indien er geen bodemverontreiniging is, dient hij ook opgevuld te worden met een inert materiaal.
  • Het afval van dit ledigen en reinigen wordt beschouwd als gevaarlijk afval en moet opgehaald worden door een ophaler van gevaarlijk afval die erkend is door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  • De voormalige exploitant moet een attest van buitengebruikstelling overmaken aan de bevoegde overheid.

Uitzonderingen

Tanks met een capaciteit van minder dan 10.000 liter worden niet beschouwd als een risicoactiviteit. U bent dus niet verplicht een verkennend bodemonderzoek te laten uitvoeren, behalve in geval van een incident (lek, overvulling).

Indien u echter dit type tank bezit of installeert, bent u wel verplicht om het gebruik ervan aan te geven. Om elk risico op bodem- of grondwaterverontreiniging uit te sluiten, moeten ook voor tanks met geringere capaciteit preventieve maatregelen worden genomen.

Meer info

Datum van de update: 27/10/2017