U bent hier

Welke verschillende types van behandeling bestaan er?

Er bestaan 2 types van behandeling: het risicobeheer en de sanering.

Risicobeheer

De bodemverontreinigingsdeskundige kiest voor deze optie indien het risico-onderzoek aantoont dat het risico onaanvaardbaar is voor de menselijke gezondheid of voor het leefmilieu (eenmalige verontreiniging voornamelijk gegenereerd vóór 1/1/1993, weesverontreiniging of gemengde verontreiniging). In dat geval zult u het terrein niet noodzakelijk moeten saneren, maar dient u de verontreiniging gewoon onder controle te houden.

De deskundige doet een risicobeheersvoorstel dat de concrete maatregelen omvat die moeten worden getroffen om de risico’s aanvaardbaar te maken.

Er bestaan verschillende methodes:

  • De verontreiniging gedeeltelijk verwijderen, om het risico aanvaardbaar te maken
  • De blootstelling aan de verontreiniging voorkomen, bijvoorbeeld door een laag teelaarde;
  • Het gebruik van het terrein beperken (moestuinen, kelders, enz. verbieden tenzij het risico actief wordt bestreden). 

Sanering

De bodemverontreinigingsdeskundige kiest deze optie indien het om een eenmalige verontreiniging gaat (die dateert van na 01/01/1993), of om een gemengde verontreiniging (verontreiniging die volledig werd veroorzaakt door bekende personen).

Hij werkt dan een concreet project uit, dat zal worden uitgevoerd na goedkeuring door Leefmilieu Brussel. Dit kan bestaan uit verschillende technieken, met name het uitgraven van de verontreinigde grond en het afvoeren ervan naar een erkend centrum of een verwerking ter plaatse, het injecteren van producten die het biologische afbraak stimuleren, het wegpompen van het verontreinigde grondwater, ... 

Om de best mogelijke saneringsmethode te kiezen, baseert de bodemverontreinigingsdeskundige zich op verschillende criteria, zoals de bijzondere kenmerken van het terrein en de activiteiten die er worden uitgevoerd, de prijs en de duur van de werken, enz. (het BATNECC-beoordelingsprincipe ).

Afwijkingen

Indien uit het verkennend bodemonderzoek of het gedetailleerd onderzoek blijkt dat de gemengde verontreiniging volledig werd veroorzaakt door de huidige exploitant, de houder van de zakelijke rechten en de persoon die verantwoordelijk is voor de verontreiniging, dan moet de behandeling van deze verontreiniging door sanering solidair worden uitgevoerd door de personen die de verontreiniging hebben veroorzaakt.

Indien uit het verkennend bodemonderzoek of de gedetailleerde studie blijkt dat de verontreiniging volledig werd veroorzaakt vóór 1 januari 1993, dan moet de behandeling van deze verontreiniging door risicobeheer worden uitgevoerd ten laste van de huidige exploitant of de houder van de zakelijke rechten die de verontreiniging heeft veroorzaakt.

Indien het onmogelijk is om vast te stellen dat de verontreiniging volledig werd veroorzaakt vóór 1 januari 1993 en wordt aangetoond dat de verontreiniging voornamelijk werd veroorzaakt vóór 1 januari 1993, kan een behandeling van deze verontreiniging door middel van risicobeheer worden uitgevoerd ten laste van de huidige exploitant, de houder van zakelijke rechten of de persoon die de verontreiniging heeft veroorzaakt.

Indien het type van verontreiniging wordt gewijzigd na de gelijkvormigheidsverklaring van een verkennend bodemonderzoek, dan moet het vervolg van de behandeling van deze verontreiniging rekening houden met het nieuwe type van verontreiniging 

Datum van de update: 02/08/2017